3.2.  TEN GRONDE

3.2.1.  HET TOEPASSELIJKE RECHT

Schijnbaar verwart verweerder zijn argumentatie betreffende de bevoegdheid met die van het toepasselijke recht. Nochtans zijn beide internationaal privaatrechtelijke problemen van elkaar gescheiden en aan eigen regels onderworpen.

Uit de door verweerder voorgebrachte stukken en de overzichtstabel op pagina 3 van zijn conclusies blijkt inderdaad dat de site niet alleen in BelgiŽ en Nederland, maar ook in de rest van de wereld te bezichtigen is: meer dan de helft van de bezoekers op de site is niet van Nederland afkomstig, maar van andere landen, waaronder percentsgewijs BelgiŽ.

Zoals concluant reeds omstandig heeft toegelicht in zijn eerste conclusie, heeft het geschil meer aanknopingspunten in BelgiŽ dan in welk ander land dan ook.

Bijkomstig, maar zeker niet onbelangrijk element is tevens dat concluant schade leidt in BelgiŽ, vermits het morele schade betreft, die eigen is aan de persoon van eiser, die in BelgiŽ woont en werkt.

Uit de elementen eigen aan het dossier en de feiten, blijkt dat de meeste aanknopingspunten van het geschil is BelgiŽ aanwezig zijn, zodat het Belgische recht dient toegepast te worden.


3.2.2.  DE ONRECHTMATIGE DAAD

3.2.2.1. De fout

In tegenstelling tot hetgeen eiser voorhoudt, is de hele internetsite wel degelijk ingegeven door het opzet om eiser in een kwaad daglicht te stellen ten opzichte van de publieke opinie.

De publicatie van de documenten kan bezwaarlijk objectief worden genoemd, niet alleen op grond van de wel erg subjectieve, ja zelfs beledigende uitlatingen van verweerder, maar tevens op grond van het feit dat verweerder een tendentieus geselecteerd deel van de documenten publiceert, waaronder de eenzijdige P.V.'s van verhoor van mevrouw SPAINK en hemzelf die geenszins objectief te noemen zijn.


Vorige
Boven
Volgende